Gezondheidsrisico's van asbest
Tegenwoordig worden geen nieuwe asbestbevattende producten meer in omloop
gebracht in België. Ook al komen er geen nieuwe producten meer bij, de oude
zijn nog aanwezig. Ook u kan, op het werk of thuis, nog steeds met asbest in
aanraking komen tijdens schoonmaak, herstel, renovatie of verwijdering van
asbesthoudende materialen. U moet dus weten waar u asbest kan aantreffen en
wat u mag, moet en kan doen om risico’s te vermijden.
Asbest is een verzamelnaam voor een reeks vezelachtige mineralen die allen
dezelfde eigenschap bezitten: ze splitsen zich in de lengte steeds verder
tot uiterst fijne en met het blote oog onzichtbare vezeltjes. Die zijn zo
licht, dat ze lang in de lucht blijven zweven en makkelijk ingeademd worden.
Het inademen van deze vezels kan ernstige ziekten veroorzaken.
Asbest wordt opgedeeld in twee grote groepen:
• serpentijnen: tot deze groep behoort chrysotiel (het “witte asbest”), de
meest gebruikte soort;
• de amfibolen: tot deze groep behoren amosiet (het “bruine asbest”),
crocidoliet (het “blauwe asbest”) en het meer zeldzame anthophylliet,
tremoliet en actinoliet.
Aan de kleur van het ruwe materiaal kan men herkennen tot welke soort het
asbest behoort. Wanneer het materiaal verwerkt is, kan dat niet meer. Alleen
een laboratorium¬analyse kan dan nog uitsluitsel geven.
Hoe weet u of een materiaal asbest bevat ?
Tal van produkten bevatten nog steeds asbest. Strijkplanken, golfplaten,
remblokjes, vloerbedekking, laboratoriummateriaal, pijpen, vloeistoffilters,
gasmaskers, isolatie-materiaal...: het zijn maar enkele voorbeelden van de
duizenden producten waarin tot eind vorige eeuw asbest werd verwerkt.
Paniek is niet nodig. Kijken naar of zelfs aanraken van asbest is niet
gevaarlijk. Als het materiaal in goede staat is, zitten de vezels doorgaans
heel stevig vast. Gevaar is er pas wanneer u, bij een verbouwing
bijvoorbeeld, het asbest bewerkt en “beschadigt”. Dan kunt u de vezels
losmaken en inademen.
Met het blote oog zal u in de meeste gevallen niet kunnen beoordelen of iets
asbest bevat.
In een bedrijf moet men in principe alles in de asbestinventaris kunnen
terugvinden. Als privé-persoon beschikt u niet over zo’n inventaris en bent
u aangewezen op andere methodes. Lijkt een bepaald materiaal u verdacht,
kijk dan eerst op facturen, leveringsbonnen of in het bouwbestek. Vindt u
daarin geen informatie, neem dan contact op met de leverancier; die kan soms
uitsluitsel geven aan de hand van de merknaam of een code.
Ook de periode waarin iets gekocht of geïnstalleerd werd, kan een aanwijzing
zijn. Hebt u dan nog geen zekerheid, dan kan u terecht bij een
gespecialiseerd laboratorium.
Verwijderen, of niet ?
Is het materiaal of product in goede staat en moet het niet echt weg, blijf
er dan af. Dat is het veiligste. Zorg er wel voor dat mensen die er later
toch aan moeten werken, gewaarschuwd zijn. Een werkgever van een onderneming
die bij u werken komt uitvoeren is trouwens verplicht om, vooraleer de
werken aan te vatten, de materialen te identificeren waarvan vermoed wordt
dat ze asbest bevatten. Is het materiaal of product toch in slechte staat of
moet het weg, voor een verbouwing bijvoorbeeld, dan moeten er grondige
voorzorgsmaatregelen genomen worden. Daarbij moet er vooral voor gezorgd
worden dat er zo weinig mogelijk vezels in de lucht terechtkomen, en dat men
ook geen vezels verspreidt die aan de kleding of de huid kleven.
Zelf doen of een gespecialiseerd bedrijf inhuren ?
Bepaalde werkzaamheden mogen volgens de arbeidswetgeving enkel door een
onderneming uitgevoerd worden die daarvoor erkend is door de FOD
Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg (WASO).
De adressen van deze bedrijven vindt u op de website van FOD WASO:
www.meta.fgov.be.
Sommige werken met een beperkt risico op blootstelling mogen door het eigen
personeel van het bedrijf uitgevoerd worden. Hiervoor bestaan dan wel
strikte voorschriften: zo moeten de betrokken werknemers ingeschreven worden
op een lijst, en vooraf opleiding en schriftelijke instructies over alle
voorzorgsmaatregelen ontvangen.
Heeft u als prive-persoon met asbest te maken, dan moet u beoordelen of u
wel in staat bent de klus veilig te klaren. Een gespecialiseerde firma biedt
alleszins twee grote voordelen. Enerzijds worden de risico’s maximaal
vermeden omdat de werknemers zijn opgeleid om met asbesthoudende materialen
om te gaan, over het geschikte gereedschap beschikken en beproefde
procedures gebruiken, en anderzijds wordt het afval op de juiste manier
verwijderd.
Veiligheidsmaatregelen
De grondregel bij werken aan materiaal met asbest is eenvoudig: voorkom de
vorming van stof. Asbestvezels zijn immers niet gevaarlijk zolang ze goed
gebonden zijn. Wordt het materiaal beschadigd, dan komen de vezels vrij. Het
grote gevaar ligt in het inademen of ook het inslikken ervan. Met de
volgende zeven regels kan het risico worden beperkt maar niet worden
uitgeschakeld.
1. Maak het materiaal nat of fixeer het
Nat materiaal geeft minder stof af dan droog. Sproei dus het asbestmateriaal
nat voor u eraan begint te werken. Het gebruik van hogedrukreinigers is uit
den boze. Er zijn ook speciale fixeermiddelen op de markt om stofvorming te
beperken.
2. Werk heel voorzichtig
Probeer het materiaal niet te beschadigen. Breek het niet, maar schroef het
los. Vermijd schokken tijdens het hanteren, bijvoorbeeld bij het overbrengen
in een afvalcontainer of bij de afvalverwerking.
3. Gebruik geen sneldraaiend gereedschap
Moet u het materiaal toch zagen, boren of slijpen, gebruik dan
handwerktuigen of zeker traagdraaiend gereedschap. Gewone slijpschijven,
boormachines, cirkelzagen,... draaien snel en maken daardoor veel stof.
4. Zorg voor een goede ventilatie
Buiten werkt u veiliger dan binnen. Het gaat er immers om de concentratie
van vezels in de lucht zo klein mogelijk te houden. Als dat niet kan, moet u
de ruimte waarin u werkt heel goed verluchten. Zorg voor luchtstroom naar
buiten, zodat de vezels niet in de lucht blijven hangen. Kleef dus
zorgvuldig alle kieren en gaten dicht die uitgeven op een andere ruimte. Het
is noodzakelijk om het vrijkomen van asbestvezels maximaal te beperken om te
voorkomen dat de lucht, ingeademd door uw buren, wordt vervuild.
5. Gebruik aangepaste beschermingsmiddelen
Asbestvezels kunnen aan uw kleding blijven hangen. Draag daarom een overall
en handschoenen die u kan wegwerpen. Na het werken kunt u die samen met het
andere afval op de correcte manier verwijderen. Uiterst belangrijk is een
ademhalingstoestel waarmee u zich tegen het inademen van de vezels
beschermt. Een gewoon masker is absoluut niet geschikt, want dat houdt de
kleinste vezeltjes niet tegen. U heeft een speciaal ademhalingstoestel nodig
met filtercapaciteit P3. Vraag advies aan de verkoper.
6. Reinig na het werk zorgvuldig het lokaal en het gereedschap
U maakt het tijdens het werk vrijgekomen stof nat, veegt het heel
voorzichtig op met vochtige doeken en voegt alles bij het asbestafval. Uw
gewone stofzuiger gebruiken is een heel slecht idee. De zeer kleine
asbestvezels worden niet tegengehouden door de filter en worden zo weer de
lucht ingeblazen.
7. Maak uzelf grondig schoon
Schrob u na het werk grondig schoon onder de douche. Vooral uw haar moet u
heel zorgvuldig wassen.
Wat met het afval ?
Om precies te weten wat u moet/mag doen, neemt u contact op met de
milieudienst van uw gemeente of met de gewestelijke overheidsinstellingen
die hiervoor bevoegd zijn.
Er wordt een onderscheid gemaakt tussen afval waaruit de vezels gemakkelijk
vrij kunnen komen (b.v. isolatiemateriaal of asbestkoord) en afval waarin de
vezels stevig gebonden zijn (b.v. asbestcementproducten).
Asbestbevattend afval waaruit vezels gemakkelijk kunnen vrijkomen moet
beschouwd worden als gevaarlijk afval, en kan door particulieren worden
aangeboden bij het Klein Gevaarlijk Afval (KGA). Niet alle KGA-inzamelaars
aanvaarden het echter. Wanneer je het afval niet kwijt kan bij de
KGA-inzameling in je gemeente, raadpleeg je het best de milieudienst van je
gemeente.
Wanneer voor de verwijdering van asbestmateriaal een beroep wordt gedaan op
een gespecialiseerde firma, zal deze firma ook voor de verwijdering van het
afval zorgen.
Asbestcementafval, waarin de vezels stevig gebonden zijn, wordt behandeld
als bouw- en sloopafval, zij het dat stofvorming bij de verwijdering en
verwerking van het afval zoveel mogelijk moet worden voorkomen.
Particulieren kunnen met hun asbestcementafval terecht in containerparken
waar bouw- en sloopafval aanvaard wordt.
Ook in Gooik worden asbest-cementproducten beschouwd als sloop-afval. U
brengt het zo voorzichtig mogelijk naar een containerpark: nat maken, zo
weinig mogelijk beschadigen, zorgen dat u onderweg niets verliest. U moet de
verantwoordelijke van het containerpark wel vertellen dat het om afval gaat
met asbest.
|